Odjidja in het verweer

Tweede match van het seizoen en Club Brugge staat al onder druk: na het verlies in Kortrijk is er tegen STVV geen ruimte meer voor een misstap. Bij Blauw-Zwart kijken ze vooral naar spelmaker Vadis Odjidja (21). Op de eerste speeldag zat de middenvelder niet in de match - krijgt hij de motor deze keer wel aan de praat? Odjidja verdedigt zich: «Als ik de bal niet krijg, kan ik niet voetballen.»

Begrijp je dat er veel kritiek was na de nederlaag in Kortrijk?

«Eigenlijk niet. Akkoord, we heb­ben verloren, maar elke keer ie­mand deze week over Club Brug­ge sprak, voegde die persoon er een schepje druk aan toe. Zo werd het verhaal wel heel negatief.»

Je collega Karel Geraerts zei dat iedereen voor de spiegel moest gaan staan na de 1-0 in Kortrijk. Heb jij dat gedaan?

«Ik heb dat gedaan, ja.»

En mogen we weten wat je con­clusie was?

«Jullie hebben de match toch ook gezien?»

De trainer zei: 'Vadis heeft te weinig ballen opgeëist, hij was niet nadrukkelijk genoeg aan­wezig in de match'.

«Voila, dan zal dat zo zijn.»

En ben jij het daarmee eens?

«Kijk opnieuw naar de match: kijk maar eens hoe vaak ik de bal gevraagd heb. Maar als ik hem niet krijg, kan ik niet voetballen. En als ik de bal had, stonden er di­rect twee mensen van Kortrijk bij mij. Daardoor werd ik nog min­der in het spel betrokken en heb­ben we vaak met de lange bal ge­speeld. Dat is één van de proble­men die we zaterdag hadden. Wij hebben daar geen oplossing voor gevonden. Of niet naar gezocht.»

Zeg zelf maar: lag dat aan Club of kwam dat door Kortrijk?

«Ik moet naar mezelf kijken. Als de anderen dat ook doen, gaan we stappen vooruitzetten, zoals Karel zegt. Ik moet nu niet in de krant zeggen dat die dit deed en die dat. Zoiets lost niks op. Los daarvan: ik denk dat de wil er vorige week wel was, dat iedereen wel wou, maar dat het een dag van 'net niet' was. Ik denk dat we ondertussen een oplossing hebben voor het probleem in Kortrijk, maar hoe en wat ga ik hier niet vertellen. Ik ga STVV niet helpen.»

Slepen jullie nog een last mee van vorig seizoen?

«Dat gevoel heb ik absoluut niet. Kortrijk was vorige week beter en daarmee is het einde verhaal. We hebben hard gewerkt in de voor­bereiding en de fysieke testen hebben bewezen dat iedereen Idaar is. We moeten niet alles om­gooien na één nederlaag. Eigen­lijk moeten we ons niks aantrek­ken van die 1-0 en gewoon verder doen zoals we bezig zijn.»

Vond je het spelpeil dan niet alarmerend?

«Dat is gewoon het begin van de competitie. Het is nog een beetje zoeken. Vorig jaar hadden we ook niet zo'n goeie start: met elf tegen acht (na drie rode kaarten voor Charleroi, red.) hebben we 1-2 kunnen winnen. Dat was ook niet goed, maar we hadden wel drie punten en daardoor was er geen gezever en gezaag. Dit jaar verlie­zen we en is dat gezaag er wel.»

Er zijn ook veel negatieve gelui­den naar buiten gekomen: er was dat opstootje op training tussen jou, Dirar en Dahmane, er was Stijnen die zijn kapiteins­band inleverde, er was Dirar die naar de B-kern vloog, er waren Donk en Stijnen die op Kortrijk ruzie maakten, er was het ge­heimzinnig gedoe om de vinger­blessure van Stijnen.

«Als je alles bij mekaar smijt, krijg je misschien zo'n indruk, maar er is geen negatief gevoel of negatie­ve sfeer bij Club.»

Hoe verklaar je al die kleine incidenten dan?

«Die kan je één voor één uitleg­gen. Op Kortrijk wilde Stijnen snel doorspelen terwijl Ryan zich pijn had gedaan, dan heb je een reac­tie bij die speler, dat is normaal. Wat er met mij gebeurd is, is iets wat bij elke club twee keer per maand gebeurt. Dat is uitver­groot. Dat Stijnen zijn kapiteins­band heeft afgegeven, heeft een goede reden: vanuit zijn positie is Carl Hoefkens veel meer in het spel betrokken en kan hij veel gemakkelijker sturen. En dat Dirar is geschorst, is omdat hij een paar dingen verkeerd heeft ge­daan. Als jij te laat komt op je werk, kan je ook een sanctie krij­gen, toch? Dat is dan je eigen fout. Of niet? Jullie maken de fout door al die kleine dingen op te tellen, terwijl ze niks met mekaar te ma­ken hebben.»

Iets anders dan: hoe concreet was de interesse van Valencia deze zomer?

«Daar weet ik niks van. Ik was niet in België.»

Je vader regelt je zaken. Heeft Valencia contact gehad met hem?

«Dat weet ik niet. Ik was op va­kantie.»

Even ernstig: dat weet je wel. Zoiets vertelt hij je toch?

«Ik heb geen zin om daar veel over te zeggen. Ik weet niet of er een concrete vraag is geweest. Ik heb me met mijn vakantie bezig ge­houden en niet met andere din­gen. En zoals jullie merken ben ik nog altijd bij Club Brugge.»

Had je graag de stap gezet naar de Primera Division?

«Welke jongen van 21 wil niet naar Valencia, of Real Madrid, of Barcelona? Maar misschien was het niet het juiste moment of weet ik veel. Maar ik ben niet ontgoo­cheld dat ik hier nog zit. Op trai­ning doe ik mijn best en probeer ik zo hard mogelijk te werken. Ik speel bij Club Brugge en zolang dat zo is, wil ik me enkel concentreren op de wedstrijden met Club.»

Veel succes en bedankt.

Bron: 
Het Laatste Nieuws