Tranen in het stadion, bij de spelers, de supporters, in de tv-studio: het eerbetoon aan François Sterchele, de jonge verongelukte spits van Club Brugge, was indrukwekkend zaterdagavond. 'Vergelijk het met de dood van Lady Di: mensen krijgen plots de kans om opgekropt verdriet te tonen', zegt psycholoog Manu Keirse.
De plaats waar de 26-jarige François Sterchele in de nacht van woensdag op donderdag verongelukte, veranderde het voorbije weekend in een bedevaartsoord. Aan de boom in Vrasene waar de publiekslieveling zich tegen te pletter reed met zijn razendsnelle Porsche, stopten massaal bussen en auto's met supporters om hulde te brengen aan Sterchele. De politie moest de fans zelfs tot voorzichtigheid aanmanen, omdat door de grote drukte de verkeerssituatie gevaarlijk werd.
Aan het Jan Breydelstadion was het zaterdag de hele dag aanschuiven voor het rouwregister. De muur die met gedenktekens behangen werd, groeide uit tot een monument. Op de website van Club Brugge, die op een zwarte achtergrond alleen de foto van Sterchele toonde, lieten tienduizenden supporters een rouwbericht achter.
Tijdens de wedstrijd 's avonds van Club Brugge tegen Westerlo werden de emoties voor iedereen te groot. Collega's Philippe Clement, Wesley Sonck, Ivan Leko, doelman Stijn Stijnen, trainer Jacky Matthijsen,... Niemand kon zijn tranen bedwingen. Ook in de tribunes huilende fans.
Zelfs Frank Raes had een krop in de keel en wie de beelden zag op televisie, kreeg kippenvel of had iets weg te slikken. Echte mannen huilen niet? Het tegendeel bleek waar.
'Mensen kroppen over het algemeen veel verdriet op', zegt Manu Keirse, die als psycholoog boeken schreef over verlies en verdriet. 'Het is in de maatschappij niet toegelaten om verdrietig te zijn. Vergelijk het met toen Lady Diana stierf: je krijgt plots wel de kans om je verdriet te tonen.'
Collectief verdriet is een goede aanleiding om de sluizen eens open te zetten. 'Het is positief dat mensen aangedaan zijn als iemand zo jong sterft', vindt Keirse. 'Voor medespelers en hevige supporters is het natuurlijk alsof een familielid sterft, maar ook andere mensen krijgen de kans om eens te mogen wenen.'
Ook voor de ploeg was het een opluchting om samen te wenen. 'Als zij hun emoties niet een keer kunnen tonen, zou het verontrustend zijn. Want dan kan niemand het nog. Het was voor het hele stadion een gelegenheid om zich eens goed te laten gaan. Het is waarschijnlijk een hele opluchting geweest voor iedereen die zijn verdriet kon delen. Ook als dat opgekropte verdriet om iets anders was - of je dat nu zelf besefte of niet.'
Op veel plaatsen huilden jongeren op de speelplaats. 'Pubers willen niet kinderachtig lijken en houden zich sterk als een van hun ouders of grootouders sterven', zegt Keirse. 'Ze willen vooral bij hun leeftijdsgenootjes horen. Bij verdriet om een familielid staan ze alleen. Als ze dan wenen, lijken ze niet meer op hun leeftijdsgenootjes. Bij de dood van iemand naar wie iedereen opkijkt, heeft iedereen verdriet en kunnen ze dat wel tonen.'
'Zeker bij mannen kan zo'n gezamelijk moment opluchten', bevestigt Riet Fiddelaers-Jaspers, een Nederlandse rouwexperte die zopas een handleiding over verlies en verwerking schreef voor de Vlaamse overheid. 'Mannen worden geacht om niet te huilen, maar in groep stapelt dat verdriet zich op en komt het eindelijk eens tot uiting. Dat werkt heel bevrijdend. Omdat ze met z'n allen huilen, hoeft niemand zich te schamen. Het is geen moment van zwakte, want iedereen doet het.'
De rouwexperte voorspelt dat de komende maanden niet gemakkelijk worden voor de ploegmaats van Sterchele. Door het einde van de competitie verliezen ze een uitlaatklep. 'Veel mannen gaan lijfelijk met rouw om. Vrouwen huilen en praten, mannen willen vergeten door te sporten. Er wacht hen nog een zware tijd.'