Germinal Beerschot deed de opwarming zaterdagavond in Moeskroen in een T-shirt met de afbeelding van François Sterchele op de borst en de tekst 'voor altijd in ons hart'. Achteraan prijkte zijn rugnummer 23. Na de wedstrijd bleven de Beerschotspelers op de grasmat zitten, ontgoocheld dat ze niet konden scoren voor hun overleden ploegmaat. Wellicht het meest aangeslagen was Vincent 'Vinnie' Verhoeven, boezemvriend van Çois en die tragische woensdagavond nog in zijn gezelschap.
'We zijn woensdag samen nog iets gaan drinken, maar daar wil ik het niet meer over hebben', prevelde de 21-jarige spits die het drama van dichtbij meemaakte. 'Donderdag heb ik meteen naar zijn moeder gebeld. De trainer heeft zeer veel begrip getoond. Ik ben gaan wandelen met andere spelers. Daarna ben ik naar Luik vertrokken. Ik ben vijf uur bij de familie geweest. Op aanraden van mijn vader, die een vriend was van Ludo Coeck, ben ik naar de plaats van het ongeluk geweest. Dat deed pijn.'
'Dit was de moeilijkste week van mijn leven. François heeft me zoveel gegeven en nu kan ik niets meer terugdoen. Kijk, Çois geloofde in mij, hij kwam dit seizoen zeker vijf keer naar de beloften kijken om te zien hoe ik het stelde, hoeveel vooruitgang ik maakte. Hij gaf me tips, leerde me veel, het klikte gewoon tussen ons. Ik ben de trainer dankbaar dat hij me nog vijf minuten liet spelen, want ik was nu toch vijf minuten bij de Çois. Voortaan speel ik elke wedstrijd met François op mijn schouder. Dat we verloren was niet eens belangrijk. Wij voelen ons rot, maar hoe moet zijn familie zich dan voelen? Ik durf er niet aan denken.'
Vandaag op de begrafenis leest Verhoeven een tekst voor. 'Dat wordt heel moeilijk. Ik ga proberen om het zo goed mogelijk voor te lezen.'