Afscheid met een staande ovatie

Twee uur duurde het definitieve afscheid, twee uur waarvoor duizenden vrienden en fans van de betreurde François Sterchele naar de provincie Luik waren gereden. Net als zaterdag werd hij geëerd met een staande ovatie.
Schijn bedriegt wel eens, zoals het pittoreske kerkplein van Alleur gisterenochtend. Vogels tsjirpten onbekommerd, de lentezon scheen ongemeen hard, een zachte bries gleed over de straat. Het contrast met het verdriet in en rond de Saint-Rémy-kerk kon niet groter zijn. Dinsdag 13 mei was een dag van treurnis, van rouw om François Sterchele, niet van zalig zomerweer zonder zorgen.

Met naar schatting 3.000 waren ze naar de deelgemeente van Ans afgezakt, veelal in wit of beige zoals moeder Sterchele had gewenst. Tientallen sjaals, honderden shirts, niet alleen van Club Brugge. Ex-clubs als Charleroi en Germinal Beerschot waren ruim vertegenwoordigd. Sommigen waren al 's nachts om half twee vertrokken om zeker de ochtendspits te vermijden, anderen kwam in speciaal ingelegde bussen. Ook het Belgisch voetbal was ruim vertegenwoordigd. Gaande van internationals als Kompany, Dembélé, Gillet of Simons tot bijzonder veel gewezen ploegmaats van Charleroi en Germinal Beerschot zoals Cavens of Losada. Anderen, zoals de broers Mpenza, konden er niet zijn maar betuigden hun deelneming met een rouwkrans.

Applaus

Toen zijn ex-collega's Blondel, Clement, Englebert, Maertens, Stijnen en Vermant met de kist naar binnen schreden, brak minutenlang applaus aan. Voor François maar ook voor de nabestaanden die met een onophoudelijk gemis zitten, in de eerste plaats zijn moeder Marlène die ondersteund moest worden op weg naar de plechtigheid.

Het kleine kerkje barstte uit zijn voegen maar de supporters konden de uitvaart buiten op een groot tv-scherm volgen. Je kon een speld horen vallen toen een vriend van Sterchele's grootvader het woord nam. Uit naam van de moeder sprak hij: 'Het is onrechtvaardig wat er gebeurd is. Jij had alles, en jouw glimlach zal voor eeuwig in ons geheugen gegrift staan. Ik houd bijzonder veel van je, liet je aan jouw moeder weten, je bent de enige vrouw van mijn leven. Dat vergeet ik nooit.'

Ook zijn vader, iemand die nooit in het openbaar trad, sprak de aanwezigen toe. Hij bedankte een steward van Club die hem had toegelaten de laatste match van zijn zoon te zien, hoewel hij te laat was geweest.

De emoties waren nooit ver weg. Een jeugdvriend van de verongelukte Luikenaar was kapot van verdriet. Velen buiten barstten in tranen uit. Twee vrouwen moesten zelfs afgevoerd worden door de ziekenwagen, al zat de hitte daar allicht ook voor iets tussen.

Zee van sjaaltjes

Plots schalde You'll Never Walk Alone door de kerk en veranderde de mensenmassa in een deinende zee van sjaaltjes van allerhande pluimage.

Het Club-anthem zou ook bij de offerande gespeeld worden, een offerande die bijzonder lang duurde omdat iedereen die aanwezig was de kist, gedrapeerd in een vlag van Club en sjaaltjes van zijn ex-clubs, nog een laatste groet wou brengen. Pakkend was hoe Anderlecht-speler Jonathan Legear, een Luikenaar, een ommetje maakte om moeder Sterchele eens stevig vast te pakken, een gebaar dat haar niet onberoerd liet.

Na twee uur werd het lichaam van Sterchele opnieuw buiten gedragen door de spelers van Club. De handen gingen weer op elkaar en zouden minutenlang een laatste saluut brengen. Het applaus stierf pas uit toen de familie vertrokken was voor de crematie, die in intieme kring plaatsvond. De rest bleef verweesd achter met zijn motto. 'Droom alsof je eeuwig zou leven. Leef alsof je morgen zou sterven', prijkte er op zijn doodsprentje.

Een leuze die tot nadenken stemt.

 

Bron: 
HNB